“Kinderen móeten overal in de wereld kanker kunnen overleven” vertelt kinderoncoloog professor dr. Gertjan Kaspers (60), directeur van de afdeling Academy & Outreach van het Prinses Máxima Centrum die onderwijs en opleiding verzorgt aan zorgprofessionals in de kinderoncologie en oprichter en adviseur is van World Child Cancer. “Ik kwam ooit in een Keniaanse ziekenhuiskamer van 3x4 waar twaalf kinderen met kanker werden behandeld, een drietal kinderen per bed. Hun situatie was mensonterend, en hun overlevingskansen minimaal. Dat wil ik veranderen, want kinderen móeten kanker kunnen overleven ook in lage inkomenslanden.”


“Een mooie opsteker”, vindt Gertjan Kaspers het dat de WHO de bestrijding van kinderkanker uitriep tot een van haar doelen. In 2030 moet minstens zestig procent van de kinderen met de 6 meest voorkomende soorten van kanker de ziekte overleven.

Gertjan Kaspers zou zomaar eelt op zijn ziel kunnen krijgen van alle ernstige vormen van kinderkanker die hij waarneemt, maar hij probeert er juist inspiratie uit te halen om de situatie van kinderen met kanker wereldwijd te verbeteren. En dat is hard nodig. In Nederland overleeft, acht van de tien kinderen met kanker de ziekte, in zogenaamde lage- en middeninkomenslanden sterven nog acht van de tien kinderen met kanker vroegtijdig. In Nederland staan tien keer meer kinderoncologen klaar per kind met kanker dan in Kenia.

Schoorsteenvegertjes met kanker

Nog geen vijftig jaar geleden waren kinderen met kanker ook in Nederland ten dode opgeschreven, net als de jonge Engelse schoorsteenvegertjes die, rond 1775, volgens de Engelse arts Percivall Pott kanker kregen van een ongezonde werkomgeving. Toen Marie en Pierre Curie ontdekten dat radioactieve elementen kankercellen konden vernietigen, legden ze de basis voor radiotherapie, een van de belangrijkste behandelingen van kanker. Sindsdien stijgen de overlevingskansen door onderzoek, nieuwe medicijnen en innovatieve behandelingen.

Kinderkanker overleven

Stichting World Child Cancer wil de ongelijkheid in de wereldwijde behandeling van kinderkanker aanpakken en ervoor zorgen dat elk kind met kanker gelijke toegang heeft tot behandeling en zorg. Kinderoncoloog Kaspers richtte in 2017 de Nederlandse tak op van de organisatie. World Child Cancer NL financiert overdracht van kennis en kunde aan internationale partners om de zorg voor kinderen met kanker in armere landen te verbeteren. Zodat alle kinderen kanker kunnen overleven door het delen van kennis, medicijnen en geld.

Overlevingskansen

World Child Cancer wil met het Prinses Máxima Centrum wereldwijd de situatie voor kinderen met kanker verbeteren. Er is nu een samenwerking met partnerziekenhuizen in Indonesië, Kenia, Kosovo, Malawi en Tanzania. Door deze samenwerking zijn de overlevingskansen van kinderen met kanker volgens Kaspers spectaculair gestegen van minder dan tien procent naar meer dan dertig procent en soms zelfs zestig procent voor bepaalde soorten kanker. Collega’s werken nu vaker met gespecialiseerde verpleegkundigen die door opleidingen ook langer verbonden blijven met het ziekenhuis, en veel meer kinderen maken hun behandeling af.

Bewustwording

World Child Cancer financiert opleidingen, behandeling van kinderkanker en zorg in bredere zin voor kinderen met kanker. Herkenning van kanker in een vroeg stadium, door bewustwording, is volgens Kaspers van levensbelang, want zo gaat ook in lage- en middeninkomenslanden de levensverwachting van kinderen met kanker omhoog. In het Keniaanse partnerziekenhuis in Eldoret kwamen tien jaar geleden jaarlijks honderd kinderen met kanker binnen. Dat aantal ligt nu rond de driehonderd, maar nog altijd worden jaarlijks naar schatting meer dan duizend kankerpatiëntjes niet ontdekt. “Ik blijf me daarom onverminderd inzetten om de overlevingskansen van kinderen met kanker te verbeteren.”