ROTTERDAM/HARDERWIJK - De rechtbank veroordeelt een 33-jarige man uit Harderwijk, een 21-jarige man uit Rotterdam, een 22-jarige man uit Rotterdam, een 41-jarige man uit Harderwijk en een 56-jarige man uit Hierden voor de productie van dan wel handel in cocaïne en heroïne. Deze delicten vonden plaats in 2023 in Harderwijk en Ermelo. De 33-jarige bewaarde daarnaast ook een hoeveelheid cocaïne en heroïne in zijn woning. Hij krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van 7 maanden met een proeftijd van 3 jaren en een taakstraf van in totaal 360 uur. De 21-jarige man en de 22-jarige man krijgen een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden en een taakstraf van 240 uur. De 41-jarige man moet 4 maanden de cel in, waarvan 2 maanden voorwaardelijk. De 56-jarige man moet een taakstraf van 150 uur verrichten.

De mannen hebben ieder hun eigen rol bij de productie en handel in cocaïne en heroïne. Aan het hoofd van de organisatie stond een 31-jarige man uit Rotterdam, die in 2024 al door deze rechtbank is veroordeeld. De 33-jarige man was een loopjongen voor de 31-jarige man en werd door hem aangestuurd. De 33-jarige man stuurde op zijn beurt anderen in de groep aan door aanwijzingen te geven en ze terecht te wijzen als het ‘werk’ anders moest. Aan deze man werd ook de harddrugsvoorraad van de groep toevertrouwd. Die trof de politie later in zijn woning aan. De 21-jarige man verkocht cocaïne en heroïne aan drugsgebruikers. Ook kookte hij meerdere malen cocaïne uit en verpakte cocaïne en heroïne. De 22-jarige man verkocht ook cocaïne en heroïne en kookte in ieder geval eenmaal samen met anderen cocaïne uit en verpakte de drugs. Bij deze handelingen maakten ze gebruik van woningen van de 41-jarige man en de 56-jarige man. Van deze harddrugsverslaafde mannen is misbruik gemaakt. Zij kregen van de andere mannen harddrugs in ruil voor het ter beschikking stellen van hun woning voor het uitkoken, verpakken en verhandelen van harddrugs. De 41-jarige man was ook betrokken bij het produceren en verhandelen van cocaïne en heroïne. De 56-jarige man verhandelde alleen deze verdovende middelen.

Eigen gewin

De rechtbank merkt op dat harddrugs zeer schadelijk zijn voor de volksgezondheid en daarnaast een bedreiging vormen voor de samenleving, vanwege de criminaliteit en de overlast die de handel in en het gebruik van harddrugs meebrengt. De mannen bekommerden zich niet om deze gevolgen, maar zijn alleen bezig geweest met wat het ze opleverde. De gepleegde strafbare feiten zijn ernstig en een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zou daarom passend zijn. Toch ziet de rechtbank daarvan af voor vier van de vijf mannen. Daarbij weegt de rechtbank onder meer mee dat sinds 2023 geruime tijd is verstreken en de vier mannen in die tijd hun leven hebben gebeterd. Ook houdt zij onder meer rekening met de jonge leeftijd van twee van de mannen.

Geen verantwoording afgelegd

In de zaak van de 41-jarige man ziet de rechtbank geen andere mogelijkheid dan het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Hij is niet verschenen op de zitting om verantwoording af te leggen voor zijn handelen en om duidelijkheid te geven over zijn persoonlijke situatie. Of hij een taakstraf zou kunnen en willen verrichten is niet duidelijk geworden. De rechtbank vindt het van belang dat de reclassering met de man in gesprek kan zodra hij op vrije voeten komt. Daarom legt zij in zijn zaak een bijzondere voorwaarde op. De man moet zich na het uitzitten van de gevangenisstraf melden bij de reclassering.